LED-belichting integreer je met je elektrische systeem door de bestaande bekabeling, schakelcapaciteit en groepsverdeling af te stemmen op de specifieke voedingseisen van de armaturen. In de meeste kassituaties vraagt dit om aanpassingen aan de hoofdverdeling, nieuwe kabeltrajecten en een aansturing die past bij het teeltschema. In dit artikel beantwoorden we de meest gestelde vragen over deze integratie, van de technische eisen tot veelgemaakte fouten.

Wat vraagt LED-belichting van je elektrische installatie?

LED-belichting stelt andere eisen aan je elektrische installatie dan traditionele SON-T-lampen. LED-armaturen werken met een gelijkspanning of een specifieke wisselspanning via een ingebouwde driver, wat betekent dat de bekabeling, beveiliging en groepsverdeling opnieuw moeten worden berekend op basis van het vermogen, de stroomsterkte en de kabellengte in de kas.

Een belangrijk verschil is dat LED-systemen doorgaans een lagere schakelstroom hebben, maar dat de totale geïnstalleerde capaciteit in moderne kassen juist fors kan oplopen. Wanneer je meerdere rijen armaturen aansluit, moet de hoofdverdeling voldoende capaciteit bieden om piekvermogen op te vangen. Denk daarbij ook aan de beveiliging per groep: te lichte zekeringen of verkeerde aardlekschakelaars kunnen voor onnodige storingen zorgen. Goede kabelkeuze, de juiste doorsnede en correcte routering zijn daarmee het fundament van een betrouwbare LED-installatie in de tuinbouw.

Hoe werkt de aansturing van LED-armaturen in een kasinstallatie?

LED-armaturen in een kasinstallatie worden aangestuurd via een dimprotocol, meestal DALI of 0-10V, dat de lichtintensiteit regelt op basis van teeltschema’s, buitenlichtniveaus of energieprijzen. Dit signaal loopt via een aparte stuurkabel of netwerkkabel van een centrale regelunit naar de individuele armaturen of groepen armaturen.

In de praktijk koppel je de aansturing aan een klimaatcomputer of een apart belichtingssysteem. Zo kun je de belichting automatisch laten reageren op de hoeveelheid daglicht die binnenkomt, wat energieverspilling voorkomt. Moderne systemen maken het ook mogelijk om per teeltzone een andere intensiteit in te stellen, wat met name interessant is als je in één kas meerdere gewassen of teeltfasen hebt. De keuze voor DALI of 0-10V hangt af van het merk armatuur en de mogelijkheden van de klimaatcomputer die je gebruikt.

Welke aanpassingen zijn nodig aan een bestaand elektrotechnisch systeem?

Bij vervanging van SON-T door LED zijn vrijwel altijd aanpassingen nodig aan de groepsverdeling, bekabeling en beveiliging. In veel gevallen vervalt de zware belasting van de starters en condensatoren, maar neemt het aantal aansluitpunten toe omdat LED-armaturen vaker per rij worden gegroepeerd dan de oudere lampen.

Concreet gaat het om de volgende aanpassingen:

  • Groepsverdeling: nieuwe groepen toevoegen of bestaande herindelen op basis van het vermogen per armatuur
  • Bekabeling: controleren of de bestaande kabeldoorsnede geschikt is voor de nieuwe stroomsterkte en kabellengte
  • Beveiliging: aardlekschakelaars en zekeringen aanpassen aan de kenmerken van LED-drivers
  • Stuurbekabeling: aparte kabeltrajecten aanleggen voor het dimprotocol
  • Aarding: controleren of de aarding van armaturen en constructie voldoet aan de geldende normen

Een goede inventarisatie van de bestaande installatie is hierbij de eerste stap. Soms blijkt dat de hoofdaansluiting of het transformatorvermogen ook herzien moet worden, zeker als je gelijktijdig het belichtingsoppervlak uitbreidt.

Hoe combineer je LED-belichting met energieopwekking en -opslag?

LED-belichting combineer je met energieopwekking en opslag door de belichtingstijden af te stemmen op momenten waarop eigen opgewekte energie beschikbaar is, zoals overdag via zonnepanelen of bij eigen WKK-productie. Energieopslag via batterijsystemen maakt het bovendien mogelijk om goedkope stroom op te slaan en die ’s nachts voor belichting te gebruiken.

Dit vraagt om een slimme koppeling tussen het energiemanagementsysteem en de belichtingsaansturing. In de elektrotechnische installatie betekent dit dat er een aparte meetinrichting per systeem nodig is, zodat je precies kunt bijhouden welk verbruik van welke bron komt. Zo kun je ook optimaal inspelen op dynamische energietarieven. De combinatie van LED met energieopslag is in 2026 een van de meest relevante ontwikkelingen in de tuinbouwtechniek, omdat het bedrijven in staat stelt om belichtingskosten structureel te verlagen zonder concessies te doen aan de teeltresultaten.

Wat zijn veelgemaakte fouten bij het integreren van LED in het elektrosysteem?

De meest gemaakte fouten bij het integreren van LED-belichting in een elektrotechnisch systeem zijn het onderschatten van de stuurkabelinfrastructuur, het hergebruiken van ongeschikte bestaande bekabeling en het onvoldoende afstemmen van de beveiliging op de eigenschappen van LED-drivers.

Andere veelvoorkomende fouten zijn:

  • Te weinig aandacht voor harmonischen: LED-drivers kunnen harmonische stromen veroorzaken die de installatie belasten en andere apparatuur storen
  • Geen rekening houden met inschakelstroom: bij het inschakelen van grote groepen armaturen tegelijk kan een kortdurende piekstroom optreden die zekeringen laat vallen
  • Verkeerde aardlekschakelaars: standaard wisselstroom-aardlekschakelaars werken niet altijd goed samen met de gelijkgerichte stromen van LED-drivers; type B is vaak vereist
  • Onvoldoende ventilatie bij verdeelkasten: meer elektronische componenten betekent meer warmteontwikkeling
  • Geen aparte meting per zone: zonder submeting is het onmogelijk om het verbruik te optimaliseren of storingen snel te lokaliseren

Door deze fouten vooraf te kennen en te vermijden, bespaar je niet alleen installatiekosten, maar ook onnodige stilstand tijdens het teeltseizoen.

Wanneer schakel je een gespecialiseerde tuinbouwtechnicus in?

Je schakelt een gespecialiseerde tuinbouwtechnicus in zodra de integratie van LED-belichting verder gaat dan een directe één-op-éénvervanging van armaturen op bestaande groepen. Dit geldt zeker wanneer je de aansturing wilt koppelen aan een klimaatcomputer, de hoofdverdeling moet worden aangepast, of wanneer je energieopwekking en opslag wilt combineren met de belichtingsinstallatie.

Een tuinbouwtechnicus met kennis van elektrotechniek in de glastuinbouw begrijpt niet alleen de technische normen, maar ook de specifieke omstandigheden in een kas: vochtige omgevingen, lange kabeltrajecten, de wisselwerking met klimaatsystemen en de impact van belichtingskeuzes op het gewas. Wil je weten wat jouw situatie vraagt? Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek over de mogelijkheden voor jouw bedrijf. Wij denken graag mee over een integratie die past bij jouw teelt, je installatie en je energiedoelstellingen.

Veelgestelde vragen

Hoeveel vermogen moet mijn hoofdaansluiting hebben om een volledige kas met LED te belichten?

Dit hangt af van het belichtingsoppervlak, het vermogen per armatuur en de gelijktijdigheidsfactor. Voor een moderne kas met intensieve teelt reken je al snel op 100 tot 300 watt per m², wat bij grotere oppervlakken kan leiden tot aansluitingen van honderden kilowatt. Laat altijd een vermogensberekening maken voordat je een installatie ontwerpt, zodat je zeker weet dat de hoofdaansluiting en het transformatorvermogen toereikend zijn.

Kan ik mijn bestaande SON-T bekabeling hergebruiken voor LED-armaturen?

Dat is soms mogelijk, maar niet vanzelfsprekend. De kabeldoorsnede moet geschikt zijn voor de nieuwe stroomsterkte en kabellengte, en de isolatie moet nog in goede staat verkeren. Bovendien vervalt bij LED de zware belasting van starters en condensatoren, maar neemt het aantal aansluitpunten vaak toe. Laat de bestaande bekabeling altijd beoordelen door een elektrotechnicus voordat je besluit deze te hergebruiken.

Wat is het verschil tussen DALI en 0-10V aansturing, en welke kies ik?

DALI is een digitaal protocol dat tweerichtingscommunicatie ondersteunt, waardoor je individuele armaturen kunt aansturen en statusmeldingen kunt ontvangen. 0-10V is een eenvoudiger analoog signaal dat de intensiteit regelt maar geen terugkoppeling geeft. Kies DALI als je werkt met een geavanceerde klimaatcomputer of meerdere teeltzones wilt aansturen; kies 0-10V als je installatie eenvoudiger is en je armaturen dit protocol ondersteunen.

Hoe voorkom ik dat zekeringen vallen bij het inschakelen van grote groepen LED-armaturen?

Dit probleem wordt veroorzaakt door de inschakelstroom die optreedt als veel armaturen tegelijk opstarten. Je kunt dit oplossen door armaturen gefaseerd in te schakelen via de aansturing, door gebruik te maken van soft-start functies in de drivers, of door de groepsindeling zo te kiezen dat het aantal armaturen per groep beperkt blijft. Bespreek dit met je installateur tijdens het ontwerp van de groepsverdeling.

Welk type aardlekschakelaar heb ik nodig voor een LED-installatie in de kas?

Voor LED-installaties met elektronische drivers is een type B aardlekschakelaar vaak vereist, omdat deze ook gelijkgerichte lekstromen detecteert die standaard type A schakelaars niet herkennen. Het gebruik van een verkeerd type kan leiden tot onterechte uitschakelingen of juist tot het niet detecteren van een gevaarlijke lekstroom. Controleer altijd de specificaties van de LED-drivers en stem de keuze van de aardlekschakelaar hierop af.

Hoe weet ik of mijn klimaatcomputer compatibel is met de LED-aansturing die ik wil gebruiken?

Compatibiliteit hangt af van het ondersteunde dimprotocol (DALI of 0-10V), de beschikbare uitgangen op de klimaatcomputer en de software-integratie met het belichtingssysteem. Vraag bij de leverancier van je klimaatcomputer een lijst op van gecertificeerde of geteste LED-systemen, en controleer of de armatuurleverancier een koppeling kan leveren. In twijfelgevallen kan een tuinbouwtechnicus de compatibiliteit beoordelen en eventueel een tussenliggende regelunit adviseren.

Wat kost een volledige elektrische integratie van LED-belichting gemiddeld, en hoe verdient dit zich terug?

De kosten voor een volledige elektrische integratie variëren sterk afhankelijk van de omvang van de kas, de staat van de bestaande installatie en de gewenste functionaliteiten zoals dimming en energiemeting. Naast de investering in armaturen en installatiewerk bespaar je doorgaans 40 tot 60% op energieverbruik ten opzichte van SON-T, afhankelijk van het teeltschema en de energieprijzen. Een gedetailleerde terugverdientijdberekening op basis van jouw specifieke situatie geeft het meest betrouwbare beeld.